Vandaag- Over zelfstandige besluiten

Reading Time: 2 minutes

Een week verder en we zijn Lilly en Ho wie? Precies, Howick al weer vergeten.

Vorige week waren ze nog de talk of the town, vandaag interesseert het niemand meer of hun moeder nu wel of niet echt psychische zorg nodig heeft en niet voor haar kinderen kan zorgen. In Armenië? Oezbekistan?

Schrijnende gevallen op het moment dat ze in onze belangstelling staan. Daarna vergeten. Over afzienbare tijd roepen we weer grenzen dicht, wanneer de vluchtelingen die nu in het Maximilliaanpark in Brussel onze kant op dreigen te komen.

Twee keer per maand. Ik vind het veel. Twee keer per maand maakt staatssecretaris Harbers gebruik van zijn discretionaire bevoegdheid. Een duur woord voor geheel zelfstandig besluiten. Hij mag, eigenstandig, een beslissing van de IND te niet doen. Zijn voorganger, Klaas Dijkhof, kon er overigens ook wat van, hij deed het gemiddeld 7x per maand.

De IND doet haar stinkende best zo’n proces zo zorgvuldig mogelijk te doorlopen. Volgens de regels en wetten die datzelfde kabinet hen oplegt. Alleen politieke vluchtelingen, geen economische. Val je niet onder de criteria van oorlogsvluchteling, dan is het heel verdrietig maar moet je weg. Dat willen we klaarblijkelijk in dit land, elke verkiezing als we zeggen dat dit land vol is, elke keer wanneer we jonge mensen weren aan de Europese grenzen.

Wat maakt iets of iemand tot een schrijnend geval? Wat zorgt ervoor dat een staatssecretaris toch anders besluit? Zelfs wanneer zijn minister president al heeft gezegd dat we soms hard moeten zijn?

Hard roepen in de media? Een strakke lobby?

Heel eerlijk begrijp ik de mensen van de IND wel. Zij verliezen hun geloofwaardigheid elke keer als dit laatste redmiddel wordt ingezet.

Ik zou hopen dat de staatssecretaris zijn bevoegdheid benut om nu eens en voor altijd de procedure, de doorlooptijd, het hele systeem waar de IND onderdeel van is, goed aan te pakken. Zodat je niet al 8 jaar in Nederland bent voordat je, geheel volgens de regels, wordt uitgezet.

Dat besluit tot verbeteren van het systeem mag hij van mij elke dag geheel zelfstandig nemen.

Reading Time: 2 minutes

Vlak bij mijn werk is een opstapplaats. Voor busreizen. Eerlijk gezegd wist ik niet dat ze nog bestonden. Busreizen. Met vliegtickets voor 15 euro naar Madrid (op een of andere manier vind ik die super deals nooit online, maar vooruit), lijkt 15 uur in een bus zitten toch echt niet meer van nu.

Maar ik vergis mij. Afgelopen zomer heb ik talloze mensen zien staan wachten op hun vakantie bus, heb ik bijna ongelukken zien gebeuren toen de uitzwaaiers de weg opdraaien, tranen nog in de ogen, daar ging het kind en heb ik mensen weer vrolijk na twee weken god weet waar terug zien keren.

Vorige week stond er een enorme club Aziaten. Ik kon niet anders denken dan dat dat zuid koreanen waren, klaar voor het weerzien van hun noord koreaanse familie leden. Hoe waanzinnig bijzonder moet dat daar zijn? Het is natuurlijk onzin, maar zoals dat met vakantie bestemmingen gaat, vertrekhavens zijn de plek om je fantasie de vrije loop te laten.

De gemeente heeft dat goed begrepen. Om de wachttijd te doden is er een blokjesbord neergezet. De ene kant van de blokjes is geel, de andere blauw. Je kunt de blokjes draaien. Boven het bord staat de tekst: Waar gaat jouw reis naar toe?

Het is ongelofelijk maar de blokjes worden omgedraaid. We blijven kinderen uiteindelijk, allemaal. Santiago de Chili past niet, maar Rome wel. Vakantie is geoorloofd tijd doden en professioneel vervelen. Zo’n bord zet dat proces al voor vertrek lekker in gang. Des te relaxter die bus in. Voor iedereen fijn.

De vakanties zijn zonder twijfel afgelopen. De opstapplaats ligt er verlaten bij. Het antwoord op het bord behoeft geen toelichting: HUIS

Vandaag- Als je niet kunt zeggen wat je denkt, kun je het wel schrijven

Reading Time: 2 minutes

Hij klinkt als een bezitterige eikel die vreemdgaat.

Maar dat vertel ik het meisje dat naast me in de trein zit maar niet.

Ze vertelt aan haar reisgenote over haar vriend, J. J. is ‘mad’ in de zin van boos, niet gek. De taal van pubers is doorspekt met Engels, en het is altijd even zoeken naar de juiste betekenis. Boos, omdat haar telefoon op vliegtuig stand stond en J. voor niks naar haar huis was gekomen.

Zij controleert zijn snap chat. Welke ‘best friends’ er in zijn lijst staan, welke conversaties met welke meisjes er verwijderd zijn. En vooral welke niet. Sociale media kennen hun eigen etiquette.

Dag voor dag, uur voor uur (toen belde J. aan, we zaten soep te eten, tomatensoep was het, en toen kwam hij binnen met een cheeseburger, een hamburger en twéé chili chicken!!!) vertelt ze hoe de relatie zo de bietenheuvel opgaat. Alleen heeft zij het nog niet door.

Hij doet alsof er niets aan de hand is, zij wil het uitpraten. Zij wil een knuffel, hij draait van haar af. Maar wil wel weten waar ze was.

Ondertussen is zij stik onzeker. Wil weten met wie hij praat, waarom en waarover. Volgt zijn elke stap, zet zijn wekker uit, aan en weer uit, maakt hem boos, denkt voor hem. “Hou je kop, laat me”. Is zijn niet zo subtiele reactie.

Haar reisgenote is én de details beu én doet nog een poging tot advies:

“Laat het gaan. Of schrijf er een blog over.”

My thought exactly 🙂

 

Vandaag- Passende woordvoering

Reading Time: 2 minutes

Op de radio hoorde ik een nieuwsprogramma de luisteraar uitdagen “goed te luisteren naar de antwoorden van minister President Rutte en Hoekstra, minister van financiën.”

Wat bleek, beiden kozen desgevraagd de zinsnede ‘passende stap’ ter omschrijving van het aftreden van Koos Timmermans, de financiële topman van de ING. Het was toch wel opvallend, zo oordeelde de radio verslaggeefster, dat zij, én ING commissaris Wijffels allen het woord ‘passend’ in de mond namen. Jaha, daar zat een zorgvuldig afgestemde woordvoering achter!

Inhoudelijk vind ik vanalles van de ING. En qua arbeidsethos en cultuur is er sinds de bankencrisis van 2008 geen biet verbeterd. Zou ik ze daarop moeten beoordelen, dan bleef er geen spaan heel. Maar dat terzijde geschoven, heel eerlijk, is de woordvoering die kabinet en raad van commissarissen ING nu doen, gewoon goed. Goed voorbereid, goed afgestemd, goed uitgevoerd. En dat is ook precies waar woordvoeringslijnen voor bedoeld zijn. Om te voorkomen dat er gestunteld wordt in de media, domme antwoorden komen die de boel nog erger maken.

En eerlijk gezegd vind ik het een tikje kinderachtig van de journalist, en spijkers op laag water zoekend, dat ze nu vallen over het woord passend. Want was die woordvoering niet zo goed afgestemd, en had Rutte in al zijn joviaal enthousiasme “Toppie!” geroepen, mét bijbehorende duim, en Wijffels als commissaris voor “goede stap” terwijl Hoekstra zich gehouden had aan “passend”, dan hadden de media het als een rommeltje beoordeeld, en was dat het nieuws geweest.

Het zouden ook de media sieren wanneer ze steviger zouden spreken over het echte probleem van de banken cultuur, de rare mix van én beursgenoteerd winst willen maken en je aan de wet houden. Op de radio kwam ook dat aan bod, ook ik moet eerlijk zijn, maar het “passend”-item bleef in de hoofden hangen. Tuurlijk, smeuïger. De echte problematiek op zo’n manier brengen dat ook dat resoneert en leidt tot actie, daar heeft journalistiek nog wat te doen.

En dan voorkomen we dat in de toekomst woordvoerders hun heil gaan zoeken in de synoniemenlijst. Passend: deugdelijk, adequaat, net, naar behoren.

Vandaag- Freedom at Fifty

Reading Time: 1 minute

Ik heb wel weer eens zin in ballonnen.

Op weg naar werk, in de auto, kom ik langs een huis dat vol versierd is. De bejaarde en daarmee al lang niet meer representatieve Eva opblaaspop op een bankje, het zo niet grappige 50 stopbord, de goedbedoelde maar publiekelijke onbegrepen woordspelingen op een kartonnen bord. En ballonnen.

Ballonnen zijn heerlijk. Fout, maar heerlijk. Ze symboliseren voor mij het UP gevoel, bind je er voldoende bij elkaar, dan kun je vliegen. De kleuren zijn vrolijk, hoe bonter hoe beter.

Fout zijn ze ook, zo vertelt een groepering mij steeds via Facebook, wanneer we op het werk een ballonnen boog optuigen. Niet duurzaam. Plastic. Helium.

Het duurt nog wel wat jaartjes. Maar voor mijn vijftigste verjaardag vraag ik ballonnen. Opgeblazen heliumballonnen aan een touwtje. En dan vlieg ik er de wijde wereld mee rond. Al was het maar in mijn hoofd. Freedom comes at Fifty.