Niet gecategoriseerd

Vandaag- Over Maslow en de straatpastor

“Dus u bent straatpastor?”
Het zal mijn romantische inborst wel zijn. Of de naderende Kerst. Ik heb heldere beelden bij de altruïstische en zingevende rol van een straatpastor.
“Inderdaad.”

“U zegt dat u als straatpastor contact hebt met daklozen via de whatsapp. Dakloos en een mobieltje, is dat niet raar?”
“Dakloos betekent geen dak boven je hoofd. Het betekent niet geen mobieltje.” De straatpastor staat voor zijn kudde. Geheel passend in mijn beeld.

“En welke boodschappen brengt u dan via de whatsapp?”
Ik zwijmel weg bij stichtelijke woorden, mooie spreuken die aanzetten tot nadenken over de betekenis van het leven, menslievende gedachtes.
“Welk opvanghuis wanneer open is, waar een gratis maaltijd te halen is, waar slaapplekken over zijn. En eventuele gratis evenementen in de stad. Zit de dakloze warm en droog.”

“Appen daklozen u ook als ze in nood zijn, het even niet meer zien zitten?”
Dit is dan toch het moment denk ik, alsnog, voor dat altruïsme, de reddende pastorengel.
“Het is wel mijn telefoonnummer, maar ik ontvang niet alle berichten meer zelf. Dus dat komt heel zelden voor. Het is ook fijn dat dat nauwelijks gebeurt, want dat maakt opschalen naar een grotere doelgroep makkelijker.”

Even blijf ik beteuterd achter. Is dit nu een straatpastor? Die zakelijk wil opschalen, wiens contact bestaat uit het aanleveren van slaap- en eet adressen?

Dan realiseer ik me dat happinez en flow teksten pas heel hoog in de piramide van Maslow leuk worden. Zonder dak boven je hoofd heb je weinig aan’volg je hart want dat klopt’- achtige spreuken. Realiseer ik me dat opschalen naar een groter bereik de ware missie voor een pastor is. Zo veel mogelijk mensen, zo praktisch mogelijk helpen. Das pas echt Kerst.