moerputtenbrug
Het begon met een onschuldig berichtje.

Mijn schoonzus appte me. ‘Ik loop elke dag een ommetje, wandel ook mee.’ Daarbij stuurde ze me de link waar ik de app ‘Ommetje’ van de Hersenstichting kon downloaden.

Er is voldoende over geschreven: thuiswerken is een kwestie van doen alsof. Want door je mentaal voor te stellen dat je naar je werk gaat, hou je thuiswerken gemakkelijker vol. Ik besloot mezelf te helpen door fysiek op pad te gaan als start van mijn werkdag. Dus: jas aan, muts op, kom maar op met die mentale reistijd. Een ommetje-app die me notificaties en push berichten zou sturen, kon me daarmee wellicht wel helpen. Het was een kleine stap, zo oordeelde ik, dus ik installeerde de app op mijn telefoon, en begon te wandelen.

Wandelen is, mits je het dagelijks gedurende 20 minuten doet, een waar walhalla, zo betoogt professor Erik Scherder, ambassadeur van de Hersenstichting. Na elk gelopen ommetje vertelt hij me waarom dat zo is, in een weetje over wandelen en hersenen. Ik loop ze hieronder even langs.

  • ten eerste: wandelen zorgt voor een goede doorbloeding van je hersenen
  • maar ook: met wandelen ga je veroudering tegen
  • lekker in coronatijd: door wandelen verhoog je de weerstand
  • altijd fijn: je hart wordt sterker door wandelen
  • rustgevend gegeven: wandelen is goed tegen stress
  • heel belangrijk: met wandelen maak je gelukshormonen aan
  • en niet in laatste plaats: je slaapt beter door wandelen

Zoek en vervang wandelen voor seks, en BOEM! een tweede leuke lockdown hobby erbij. 😉

En toen kreeg ik een appje van mijn schoonbroer. Hij had mij ontdekt in de ranglijst, onder de bekende alias hannekeschrijft. En daar begon het. Mijn hersenen werden geprikkeld op een oeroud, bij mij sterk ontwikkeld instinct. Competitie.

Waar ik voorheen redelijk ontspannen liep, het me niet zoveel uitmaakte of ik er wel of niet een digitale medaille voor ontving, werd het opeens een wandelstrijd. Met als gevolg dat het voor mij belangrijk werd wie voorop loopt, wie spreekwoordelijk harder loopt. Het zegt alles over mij, laat dat duidelijk zijn. Ik ga ‘aan’ op een wedstrijdelement.

Wandelen stimuleert mijn competitiedrang. Ik geloof dat alles mijn competitie drang stimuleert, als ik eerlijk ben. Overigens loopt mijn schoonbroer mij er stevig uit, ik kan hem niet bijhouden. Daarvoor dikke chapeau. Ik vrees dat ik inmiddels moet bekennen dat mijn grootste uitdaging niet meer het dagelijkse ommetje is. Nee, het is mijn hersenen zo programmeren dat niet alles een wedstrijd is…en dat is een opdracht voor het leven. Wie weet het weetje daar voor?

Life is a journey, not a competition…

No competition, no progress…

?