Het verschil kon opeens niet groter zijn

Het lijkt wel of we ze in een zinkgat hebben doen zakken. De generatie X, geboren tussen 1960-1980, is opeens verdwenen. We hebben het of over de Boomers of over de Millenials. Wij zijn van X naar niX gegaan. Dat als klaagzang vooraf.

Nu heb ik gelukkig niet zo veel met generaties, zuilen, groepen. We zijn individuen in samenhang met elkaar. De ene keer vind je een gelijkgestemde die 30 jaar jonger is, de andere keer klik je met iemand van 10 jaar ouder. Op wat iemand zegt, doet of uitstraalt. Subjectiever wordt verbinding niet.

Ik heb daarom ook altijd gedacht dat generaties er niet echt toe doen. Dat het niet zo is dat de ene generatie wezenlijk anders is en denkt dan de andere. Dat als het er echt op aankomt, we hetzelfde reageren. Natuurlijk begrijp ik dat geboren worden met een Ipad in je knuistje je een ander wereldbeeld meegeeft dan schrijven met een pen op luchtpostpapier. Maar in essentie zijn we allemaal eenvoudige wezens, vol oerinstincten die generaties terug gaan. Toch?

Recent zat de generatie X aan tafel met de generatie Z. De jongste generatie, geboren vanaf 1998. Zij die net de arbeidsmarkt betreden of nog studeren. We spraken over werk. Werken. Eerlijk gezegd weet ik niet zeker of de Z-ers het ook werk of werken noemen, maar dat ter zijde.

De Z-er aan tafel vertelde over de wijze waarop hij de arbeidsmarkt betrad. Niks solliciteren met een motivatiebrief en CV, op een bestaande vacature. Nee, voordat hij ook maar iets van zichzelf liet zien, wilde hij weten wat het bedrijf dreef. ‘Ik belde naar dat bedrijf, en vroeg of ze me konden toelichten wat hun purpose is en hoe ze daar in de praktijk mee om gaan. Ze gaven me toen zo’n vaag antwoord, ik was meteen afgeknapt.’

Mijn repliek was dat ik wellicht ook niet meteen een diepte interview zou afgeven aan de eerste de beste onbekende die mij op mijn werk zou bellen. Die eerst van mij zou willen horen, alvorens zijn interesse kenbaar te maken. Ik was het andersom gewend: als werkzoekende benader je een bedrijf om jouw kwaliteiten aan te prijzen. Primair kiest het bedrijf, niet jij.

De Z-er was het niet met mee eens. Immers op de website van het bedrijf dat hij had gebeld, had zeer uitnodigend gestaan: ‘Interesse, bel ons dan!’. En vervolgens kreeg hij een vage gast (zijn woorden ;)) aan de lijn die niet scherp kon uitleggen waartoe het bedrijf op aarde was.

Ik liet het gaan en stelde hem de vraag wat voor soort werk hij eigenlijk wilde gaan doen. ‘Je kunt het interessant vinden om een bedrijf te leren kennen, maar dat is geen werken. Jij hebt ook waarde toe te voegen. Er moet iets uit je hoofd of handen komen, elke dag. Dat is werken.’ (Ik voelde dat ik iets ouds zei.) ‘Wat voor soort werk vind je leuk? Ga je onderzoeken, iets maken, administreren, uitvoeren, regelen, aansturen?’

Hij had geen idee. Vond het een volstrekt oninteressante vraag. Vanuit zijn perspectief moest het bedrijf voor hem waardevol, interessant, relevant zijn. En daarna kwam eventueel wel wat hij er te brengen had.

En daar lag opeens de generatiekloof op tafel. Tussen het hoofdgerecht en het toetje in, realiseerde ik me dat het bestaat. Dat het echt is. Z denkt wezenlijk anders dan X. Het heeft geen zin te denken dat je ze kunt veranderen. Want dit is hoe ze gebakken zijn- door ons, mind you. Ik besluit me erdoor te laten verwonderen. En in mijn werk, vaker, bewuster, het wereldbeeld van de Z generatie op te vragen op het moment dat ik een beslissing neem. Want het kan zomaar anders beleefd worden.

Each generation imagines itself to be more intelligent than the one that went before and wiser than the one that comes after

George Orwell, 1903-1950
Britse schrijver

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.