En opeens zie ik mezelf weer voor die deur staan.

Het is met veel in het leven zo. Iets ondergaan of beleven is echt iets anders dan er over praten. Niet voor niks staan de slechte stuurlui aan wal, zij denken dat ze weten hoe het is, maar wacht maar tot ze zelf op volle zee zitten. Dan ziet die golf er toch even wat anders uit.

Gek genoeg vergeten we ook. Vooral als iets spannend, pijnlijk of nieuw is. Vrouwen schijnen alleen maar een tweede kind te kunnen baren omdat ze heel snel vergeten hoe onmenselijk de bevalling was. Ik spreek niet uit ervaring, en zou ook niet weten hoe je aan wal moet staan bij deze klus. Het lijkt me een drama voor de partner, je wordt verwenst, je kunt niets doen, gaat zelf mogelijk bijna van je stokje en zij ligt daar nieuw leven uit te persen. Er is geen grootsere daad op de wereld- alhoewel vandaag de dag het voor de wereld misschien wel grootser is als je besluit geen nieuwe ziel aan de zes miljard toe te voegen. Maar laat ik daar ver van blijven.

Zeventien jaar geleden stond ik voor die deur. De deur waar mijn nieuwe liefde woonde. Dat op zich was niet zo spannend. Het was het feit dat zijn twee jonge kinderen dat weekend bij hem waren. En ik ze voor het eerst zou ontmoeten. Ik had zenuwen in mijn buik, licht trillende handen. Het was een mengeling van vrees en blijdschap. Enerzijds kon ik niet wachten om ze te ontmoeten, deze twee wezens die vanaf het moment dat de deur open zou gaan onderdeel van mijn leven zouden gaan uitmaken. Anderzijds was ik zenuwachtig over hoe het zou gaan, zou zijn, en hoe het mijn leven zou gaan veranderen.

Vandaag, aan de vooravond van de nieuwe baan die morgen start, komt dat gevoel weer terug. Het is niet dat ik mijn nieuwe collega’s nog niet ontmoet heb, het is niet dat mijn komst een verrassing is. Maar het is wel de wetenschap dat dat vanaf morgen mijn leven er anders uit ziet. Wanneer ik door de deur stap is dat het officiële begin van een nieuwe periode. Waarin ik mezelf weer te ontdekken heb, te verhouden tot anderen, uit mijn comfortzone te treden om te kunnen leren en groeien.

Hoeveel staan er vandaag met mij aan een vooravond? Van een nieuwe baan of een ontmoeting? Of misschien veel heftiger, van een ziekenhuisopname, een eerste chemokuur of bestraling? Niet weten wat morgen je gaat brengen, maar wel weten dat hoe dan ook die dag komen gaat.

De vooravond is een raar fenomeen. Niet te voorkomen, en ook niet echt in te tomen. Hoe vaak je ook gevooravond hebt, elke keer komt het gevoel terug. En toch, zodra de voet over de drempel is gezet, de naald in de ader, het beademingskapje geplaatst, is het vooravond gevoel achter de rug, vergeten zelfs. Leef je opeens wel weer gewoon in het moment, en niet langer in straks of later.

Ik sta aan de vooravond, en ondanks de lichte spanning, kijk ik ontzettend uit naar de dag van morgen. En daarbij realiseer ik me hoe gezegend ik ben, dat ik deze stap weer mag zetten. Besef ik hoe veel er zijn die een andere morgen tegemoet treden. Angstig, onzeker, eenzaam of wanhopig. Ik heb grote bewondering voor hen. Hopelijk is de natuur zacht, helpt ze te vergeten. En wordt ook voor hen morgen een dag om opgelucht op terug te kijken.

Waarvan zal morgen gemaakt worden?

Victor Hugo 1802-1885

Franse schrijver